5.13.1 Bestaande waarden natuur en groen

Natura 2000 gebieden

Ter hoogte van de te versterken dijk zijn twee Natura 2000 gebieden gelegen; Natura 2000 gebied Rijntakken en Natura 2000 gebied Loevestein, Pompveld en Kornsche Boezem (zei onderstaande). Natura 2000 gebied Lingegebied & Diefdijk bevindt zich op ca. 2 km ten noorden van het plangebied. De uiterwaard ter hoogte van de dijk vakken 1a, 1b en 2a (in het oosten van het plangebied) maakt onderdeel uit van Natura 2000 gebied Rijntakken. Het Natura 2000 is aangewezen voor 11 habitattypen, 11 soorten van Bijlage II van de Habitatrichtlijn, 12 broedvogels en 26 niet-broedvogels. Ter hoogte van de dijkvakken 1a, 1b en 2a ligt het beschermde habitattype Vochtige alluviale bossen (zachthoutooibossen – H91E0A). Voor dit habitattype geldt de doelstelling ‘behoud oppervlak’ en ‘verbetering kwaliteit’.

Interactieve kaart

Figuur 5.24 Ligging Natura 2000 gebieden

Natuurnetwerk Nederland en Groene ontwikkelingszone

Veel uiterwaarden maken daarnaast onderdeel uit van het Natuurnetwerk Nederland (NNN), voorheen EHS (zie onderstaande kaart). Bij Vuren en Fort Vuren en het westelijk deel van deeltraject 8 (Zeiving) is ook binnendijks gebied aangewezen als NNN. In Gelderland wordt het NNN het Gelders Natuurnetwerk genoemd (GNN). Rondom het Gelders Natuurnetwerk ligt waardevol landschap dat is vervlochten met de daaraan grenzende natuurgebieden: de Groene Ontwikkelingszone (GO). Voor deze zone geldt dat in een bestemmingsplan geen nieuwe grootschalige ontwikkelingen mogelijk gemaakt mogen worden, als die leiden tot een significante aantasting van de kernkwaliteiten van het betreffende gebied.
Het beleid rond het Natuurnetwerk Nederland in Zuid-Holland en Gelderland en de bestaande kernkwaliteiten zijn beschreven in het NNN-compensatieplan.

Interactieve kaart

Figuur 5.25 Ligging NNN en GO

Beschermde soorten

In het kader van de dijkversterking is eerst een Natuurtoets uitgevoerd [Bureau Waardenburg, 2015] en vervolgens een uitgebreide natuurverkenning [Bureau Waardenburg, 2018-2019]. Na het vaststellen van het Voorkeursalternatief is nog een aantal aanvullende veldonderzoeken uitgevoerd. Voor informatie over het uitgevoerde onderzoek en de resultaten wordt verwezen naar het Soortenmanagementplan deel I.

Binnen het studiegebied zijn een aantal landschapselementen te onderscheiden die waardevol zijn voor beschermde soorten. Dit betreft onder meer de bomenlanen (vleermuizen), binnendijkse wielen en wateren (amfibieën) en de diverse bosschages (bever, kleine marterachtigen, amfibieën). Een aantal van de plassen staan in open verbinding met de rivier, andere liggen geïsoleerd en stromen alleen tijdens hoogwater mee. Belangrijke hotspots voor vleermuizen langs het dijktraject zijn Fort Vuren en de voormalige steenfabriek Vuren. Deze objecten fungeren als (winter)verblijfplaats voor vleermuizen en hebben een onderlinge relatie. Langs het traject bevinden zich in verschillende uiterwaarden beverterritoriums, waaronder in de Crobsche Waard, Woelse Waard en Hondswaard. In de Crobsche Waard komen tevens kamsalamander, poelkikker en rugstreeppad voor. Poelkikker is ook op enkele andere plekken langs de dijk aangetroffen (o.a. Herwijnense Bovenwaard).

Verspreid langs het dijktraject bevinden zich territoria van vogels waarvan de nestplaats jaarrond beschermd is. Het gaat hierbij om steenuil, ransuil, buizerd, ooievaar, gierzwaluw en huismus. De dijkvegetaties herbergen geen beschermde flora maar wel soorten die karakteristiek zijn voor het rivierengebied zoals gewone agrimonie, echte kruisdistel en brede ereprijs.

Op onderstaande kaart zijn de beschermde soorten binnen het plangebied zichtbaar. Tevens zijn de leefgebieden van betreffende soorten in beeld gebracht. Klik op een leefgebied om te zien welke soort het betreft. Ook de vliegroutes van vleermuizen zijn op de kaart opgenomen.

Interactieve kaart

Figuur 5.26 Beschermde soorten

Bomen en houtopstanden

Langs de dijk bevinden zich verspreid diverse bomen en houtopstanden. Er is een inventarisatie gemaakt van houtopstanden buiten de bebouwde kom en buiten tuinen. Dit in verband met compensatie vanuit de voormalige Boswet (inmiddels Wet natuurbescherming). Deze houtopstanden zijn zichtbaar in de onderstaande kaart. Daarnaast geldt de kapvergunningplicht volgens de de Algemene Plaatselijke Verordening (APV). Hiervoor zijn de bomen binnen het ruimtebeslag van voormalige gemeente Neerijnen van naam en doorsnede voorzien.

Interactieve kaart

Figuur 5.27 Houtopstanden en waardevolle bomen

Kaderrichtlijn water

De Waal is aangewezen als Kaderrichtlijnwaterlichaam. Alle KRW-oppervlaktewaterlichamen moeten uiterlijk in 2027 voldoen aan de gestelde waterkwaliteitseisen.